Cadillac, het luxemerk van General Motors, heeft met de V-Series.R een hypercar voor de langeafstandsracerij. Het merk onderzoekt nu of een nauw verwante circuitauto beschikbaar kan komen voor particuliere klanten. De onlangs onthulde V-One is voorlopig een concept, maar zou bij voldoende belangstelling in beperkte aantallen kunnen worden gebouwd. De auto combineert een chassis van Dallara met een atmosferische 5,5-liter V8 en een hybridesysteem. Zonder de beperkingen die voor de raceversie gelden, levert de aandrijflijn van het concept 830 pk. Een definitief productiebesluit is nog niet genomen.
- De Cadillac V-One beschikt over een hybride aandrijflijn met een atmosferische 5,5-liter V8.
- Het concept levert 830 pk, tegenover 670 pk voor de V-Series.R onder de geldende raceregels.
- Cadillac wil eerst weten of er genoeg klanten zijn en stelt het bestaande raceprogramma voorop.
V-One krijgt meer vermogen dan de raceauto
De technische basis van de Cadillac V-One komt sterk overeen met die van de V-Series.R. Beide gebruiken een Dallara-chassis en dezelfde configuratie van een V8 met hybride ondersteuning. De uitvoering voor klanten zou volgens Cadillac vrijwel hetzelfde gevoel moeten bieden als de auto waarmee professionele coureurs rijden.
Doordat de V-One niet aan de balance-of-performance-regels hoeft te voldoen, kan Cadillac het vermogen verhogen van 670 naar 830 pk.
Balance of performance is een stelsel van technische beperkingen waarmee organisatoren de prestaties van verschillende raceauto’s dichter bij elkaar proberen te brengen. Daarbij kunnen onder meer vermogen, gewicht en andere eigenschappen worden aangepast. Voor een auto buiten de competitie zijn zulke beperkingen niet noodzakelijk.
Dat betekent dat een eventuele klantenversie op papier krachtiger kan zijn dan de raceauto waarop hij is gebaseerd. Voor kopers zou de V-One daarmee vooral een manier zijn om op het circuit dicht bij de ervaring van Cadillacs fabriekscoureurs te komen, zonder dat het concept door wedstrijdregels wordt begrensd.
Het raceprogramma houdt voorrang bij productie
Sean O’Shea, bij Cadillac verantwoordelijk voor de aandrijving binnen het LMDh-programma, zei tegen Road & Track dat de V-One vooral „in naam” een concept is. Volgens hem bekijkt Cadillac waar belangstelling bestaat en welke richting het merk in de toekomst wil inslaan.
Dallara heeft General Motors laten weten voldoende capaciteit te hebben om het benodigde aantal chassis te bouwen. Dat maakt een kleine serie technisch mogelijk, maar voor Cadillac is dat niet de enige afweging.
Een klantenserie komt er alleen als de bouw geen middelen, leverancierscapaciteit of aandacht wegneemt bij de V-Series.R en het bijbehorende raceprogramma.
Cadillac zou voor onderdelen van de carrosserie en de motor daarom waar nodig een andere aanpak binnen zijn leveranciersnetwerk moeten kiezen. O’Shea benadrukte dat de V-One het merk en zijn autosportactiviteiten moet ondersteunen, niet hinderen.
Ferrari en Aston Martin gingen Cadillac voor
Het idee van een exclusieve circuitversie voor klanten staat niet op zichzelf. Ferrari en Aston Martin bouwen en verkopen al gelimiteerde, uitsluitend voor het circuit bedoelde uitvoeringen van hun Le Mans-hypercars. McLaren is van plan hetzelfde te doen.
Voor Cadillac betekent dit dat er al een niche bestaat voor klanten die een zeer directe afgeleide van een moderne raceauto willen bezitten. De belangstelling binnen die kleine doelgroep zal uiteindelijk bepalen of de V-One verder komt dan het conceptstadium; over een prijs of productieaantal heeft Cadillac nog niets bevestigd.
Zou Cadillac de V-One moeten bouwen, ook als die slechts voor een kleine groep circuitrijders bereikbaar is? Deel uw mening.































