Bij Israëlische luchtaanvallen op Zuid-Libanon zijn zaterdag minstens elf mensen omgekomen, onder wie drie kinderen en twee vrouwen. Negentien anderen raakten gewond, meldt het Libanese ministerie van Gezondheid. Zeven slachtoffers vielen bij een aanval op een huis aan de rand van Ansar; in Deir al-Zahrani kwamen nog eens vier mensen om. Israël zegt infrastructuur van Hezbollah te hebben bestookt na een aanval op zijn militairen. De door Iran gesteunde beweging waarschuwt dat de Israëlische aanvallen met een „passende reactie” zullen worden beantwoord.
- In Ansar vielen zeven doden en in Deir al-Zahrani vier.
- Onder de slachtoffers in Ansar waren drie kinderen en twee vrouwen.
- Israël zegt dat de aanvallen waren gericht tegen infrastructuur en een commandant van Hezbollah.
- Hezbollah heeft gedreigd met een reactie, maar maakte daarover geen verdere details bekend.
Woning in Ansar verwoest bij luchtaanval
Volgens het Libanese staatspersbureau NNA werd het huis in Ansar bij het ochtendgloren geraakt en verwoest. Hulpverleners doorzochten het puin en brachten slachtoffers naar ziekenhuizen in Nabatiyeh.
Ook rond de strategisch gelegen Ali al-Taher-heuvel werden aanvallen gemeld. Die heuvel kijkt uit over delen van Nabatiyeh en belangrijke wegen naar de Zuid-Libanese stad. Daarnaast werd een vallei naast Ansar getroffen.
Het Israëlische leger verklaarde dat het in Ansar een hoofdkwartier van de Radwan-eenheid van Hezbollah had aangevallen. Daarbij zou commandant Ali Samir Al-Haj Hassan zijn gedood. Volgens Israël was zijn familie eveneens in het gebouw aanwezig, maar vormde die niet het doelwit.
De Libanese premier Nawaf Salam verwierp de Israëlische lezing en benadrukte dat de omgekomen vrouwen en kinderen geen militaire doelen waren.
Het kantoor van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu stelde op zijn beurt dat Hezbollah het staakt-het-vuren had geschonden door Israëlische militairen aan te vallen. Daarbij zouden drie soldaten gewond zijn geraakt.
Bestand koppelt terugtrekking aan ontwapening Hezbollah
De aanvallen behoren tot de dodelijkste sinds het door de Verenigde Staten bemiddelde bestand op 20 juni inging. Dat raamwerk koppelt een geleidelijke Israëlische terugtrekking uit Zuid-Libanon aan de ontwapening van Hezbollah en de inzet van het Libanese leger in het gebied.
Hezbollah heeft die voorwaarden afgewezen en was geen partij bij de rechtstreekse overeenkomst tussen Libanon en Israël. De beweging wil zichzelf blijven presenteren als een verdedigingsmacht tegen Israël. Hezbollah is behalve een gewapende groepering ook een politieke en maatschappelijke organisatie met een achterban in Libanon.
Israël houdt troepen in wat het een veiligheidszone noemt en zegt daar aanvallen vanuit Hezbollah op Noord-Israël te willen voorkomen. De Israëlische minister van Defensie Israel Katz verklaarde dat de militairen niet vertrekken voordat Hezbollah is ontwapend. De Verenigde Staten vinden volgens de bronnen dat een permanente Israëlische aanwezigheid niet past bij de afspraken met de Libanese regering.
Sinds de jongste geweldsronde op 2 maart zijn in Libanon minstens 4.300 mensen omgekomen. Hoewel het geweld na de afspraken van juni afnam, zijn Israëlische aanvallen en vernielingen in het zuiden doorgegaan.
Dreiging met vergelding zet diplomatiek overleg onder druk
Hezbollah stelde zaterdag dat Israëlische aanvallen en pogingen om nieuwe feiten op de grond te creëren niet kunnen doorgaan. De beweging waarschuwde tegelijk de Libanese autoriteiten tegen verdere „vernederende” onderhandelingen met Israël.
Volgens DW zijn inmiddels zeven gespreksrondes gehouden; de meest recente vond eerder deze maand in Rome plaats. Hezbollah neemt niet rechtstreeks aan die gesprekken deel en blijft zich verzetten tegen ontwapening.
De dreiging met een reactie vergroot de onzekerheid rond het bestand. Een nieuwe geweldscyclus zou in de praktijk niet alleen de veiligheid in Zuid-Libanon en Noord-Israël raken, maar ook de uitvoering van de afspraken over legerinzet en terugtrekking verder bemoeilijken. De verklaring van Hezbollah maakt echter nog niet duidelijk of, wanneer en op welke manier de beweging zal reageren.































