Onderzoekers hebben wereldwijd in kaart gebracht waar droogte de grootste bedreiging vormt voor de productie van belangrijke gewassen. De studie onderscheidt landbouw die afhankelijk is van regen van landbouw met irrigatie en omvat zeventien gewassen, waaronder rijst, maïs, tarwe en soja. Samen zijn die goed voor driekwart van de mondiale voedselproductie. De onderzoekers vonden droogtegevoelige hotspots in onder meer delen van het Amerikaanse Midwesten, Oost-Brazilië, Oost-Spanje en Centraal- en Noord-India. De resultaten zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Communications.
- De studie onderzocht de droogtegevoeligheid en de met droogte samenhangende productieverliezen van zeventien gewassen.
- Landbouw zonder irrigatie bleek gevoeliger voor klimatologische omstandigheden.
- De onderzochte gewassen vertegenwoordigen samen driekwart van de voedselproductie in de wereld.
Regenafhankelijke gewassen lopen het meeste risico
Het onderzoek stond onder leiding van Kyle Davis van de University of Delaware en Marta Tuninetti van de Politecnico di Torino. Hun doel was meetmethoden te ontwikkelen waarmee de weerbaarheid of gevoeligheid van afzonderlijke gewassen voor droogte kan worden beoordeeld.
Daarbij maakten zij een belangrijk onderscheid tussen regenafhankelijke en geïrrigeerde teelt. Gewassen in de eerste categorie krijgen alleen water uit neerslag. Bij geïrrigeerde landbouw kan tijdens een droge periode water worden aangevoerd via onder meer sproeiers, kanalen of slangen.
Die extra watervoorziening kan ervoor zorgen dat opbrengsten tijdens droogte stabiel blijven of zelfs toenemen, terwijl regenafhankelijke gewassen die mogelijkheid niet hebben.
De studie beschrijft gevoeligheid en productieverliezen die met droogte samenhangen. De uitkomsten betekenen daarom niet dat ieder gewas in een gemarkeerd gebied bij elke droogte dezelfde schade ondervindt. Ze laten vooral zien waar de combinatie van gewastype, watervoorziening en klimatologische omstandigheden de productie kwetsbaar maakt.
De kaart maakt kwetsbaarheid per gewas zichtbaar
Het belang van de analyse zit in de uitsplitsing per gewas en teeltmethode. Een algemene droogtekaart toont waar weinig water beschikbaar is, maar zegt niet automatisch hoe sterk een specifiek landbouwgewas daarop reageert. De ontwikkelde maatstaven kunnen zulke verschillen inzichtelijk maken.
Dit betekent dat landbouwgebieden niet alleen op de aanwezigheid van droogte kunnen worden beoordeeld, maar ook op de mogelijke gevolgen voor de gewassen die er daadwerkelijk worden geteeld.
Voor Nederlandse lezers is dat relevant omdat voedselproductie en handel niet bij landsgrenzen ophouden. Problemen in een belangrijk productiegebied kunnen in beginsel ook betekenis hebben voor internationale aanvoerketens. De studie meldt echter geen concrete gevolgen voor Nederlandse beschikbaarheid of prijzen.
Resultaten kunnen helpen bij het stellen van prioriteiten
De onderzoekers presenteren hun aanpak als een manier om de weerbaarheid en gevoeligheid van landbouwgewassen te beoordelen. In de praktijk zou zo’n kaart kunnen helpen bepalen waar onderzoek naar droogtebestendige teelt of waterbeheer het meest zinvol kan zijn. Dat is een mogelijke toepassing van de resultaten; de studiebron noemt geen al genomen beleidsmaatregelen.
Ook maakt het onderscheid tussen irrigatie en regenafhankelijke landbouw duidelijk dat dezelfde droogte niet overal dezelfde uitwerking hoeft te hebben. Irrigatie kan gewassen beschermen, maar de kaart richt zich op de gemeten gevoeligheid en droogtegerelateerde productieverliezen en is geen beoordeling van bredere keuzes rond watergebruik.
Welke rol moeten zulke droogtekaarten volgens u spelen bij keuzes over landbouw en voedselvoorziening?





























