“Dit moet afschuwelijk zijn geweest.” Met die woorden stond de rechter stil bij de doodsangst van het gevangenispersoneel dat Corné H. op sinterklaasavond 2025 gijzelde in de PI Vught. De rechtbank in Den Bosch veroordeelde de 30-jarige maandag tot een jaar voorwaardelijke celstraf. H. hield drie medewerkers enkele uren vast en bedreigde daarnaast vijf van hun collega’s. De straf is gelijk aan de eis van het Openbaar Ministerie en blijft voorwaardelijk, omdat de rechtbank een directe terugkeer naar de gevangenis niet passend vindt nu H. in een tbs-kliniek wordt behandeld.
- Corné H. krijgt een jaar voorwaardelijke celstraf voor de gijzeling in de PI Vught.
- Drie medewerkers werden vastgehouden en vijf andere personeelsleden bedreigd.
- De rechtbank wil voorkomen dat het lopende tbs-traject van H. wordt onderbroken.
- H. moet schadevergoeding betalen aan de betrokken medewerkers.
Rechter benadrukt de angst van het personeel
De gijzeling vond plaats op 5 december in een kantoorruimte van de gevangenis. H. verbleef toen op de psychiatrische afdeling van de PI Vught en niet in de Extra Beveiligde Inrichting. Hij gebruikte kleine keukenmessen die hij had gekregen om een smoothie te maken. Medewerkers werden geboeid.
Volgens de rechtbank vroegen de gegijzelde medewerkers zich tijdens de urenlange situatie af of zij nog levend naar huis zouden terugkeren.
Na telefoongesprekken met onderhandelaars liet H. zijn gijzelaars gaan. Agenten van de Dienst Speciale Interventies overmeesterden hem vervolgens. Naast de voorwaardelijke celstraf bepaalde de rechtbank dat hij de slachtoffers een schadevergoeding moet betalen.
Verdediging wijst op het uitblijven van behandeling
De advocaten van H. voerden aan dat de nieuwe gijzeling plaatsvond terwijl hun cliënt niet de behandeling kreeg die hij nodig had. Hij verbleef in Vught in afwachting van een plek in een tbs-kliniek. Inmiddels is hij daar opgenomen en is zijn behandeltraject begonnen.
In februari 2026 had zijn advocaat nog zonder succes om voorrang bij een opname gevraagd. Daarbij stelde de raadsman dat H. een gevaar voor zichzelf vormde en onder meer scheermesjes had ingeslikt. De rechter vond zijn situatie toen niet uitzonderlijk genoeg om hem eerder een plek toe te wijzen.
Ook het Openbaar Ministerie hield bij de strafeis nadrukkelijk rekening met zijn psychische problematiek. Gedragsdeskundigen stelden autisme, een posttraumatische stressstoornis en schizofrenie vast. Daarnaast beschreven zij antisociale en borderline persoonlijkheidskenmerken. Volgens de onderzoekers was H. verminderd toerekeningsvatbaar en werd zijn gedrag tijdens de gijzeling door zijn stoornissen beïnvloed.
Voorwaardelijke straf houdt het tbs-traject intact
De rechtbank achtte een onvoorwaardelijke celstraf niet geschikt en beschouwt een psychiatrische kliniek als de veiligste omgeving voor H. De voorwaardelijke straf kan volgens de rechtbank bovendien een extra stimulans vormen om mee te werken aan een veilige en verantwoorde terugkeer in de samenleving. H. was niet aanwezig bij de uitspraak.
De praktische betekenis van het vonnis is dat H. nu niet terug hoeft naar de gevangenis en zijn behandeling kan voortzetten.
Alleen wanneer hij opnieuw in de fout gaat, kan hij het opgelegde jaar alsnog in de gevangenis moeten uitzitten. Tbs is juridisch een maatregel waarbij behandeling van psychische problematiek en het beperken van herhalingsgevaar centraal staan. De rechtbank legde die maatregel niet opnieuw op, omdat H. al tbs had gekregen na een eerdere gijzeling.
In maart 2024 hield hij vier medewerkers van een café in Ede vast. Daarvoor kreeg hij negen maanden cel en tbs. De gijzeling in Vught vond plaats terwijl hij die eerdere straf onderging en op opname in een kliniek wachtte.































